De lachende tuinkabouter die tot voor kort de alleenheerschappij in de Hollandset tuinen had, wordt steeds meer verdrongen door een overdaad aan betonnen putti, Venussen, leeuwtjes die hun klauw op een wapen leggen en andere tuinornamenten. Terwijl de barokke tuinbeelden modegevoelig zijn en over een paar jaar wel massaal achterin een donkere schuur zullen verdwijnen, weet de traditionele tuinkabouter zich taai te handhaven. Hij is geen modegril maar kan zich beroemen op een eeuwenoud voorgeslacht dat niet snel in de vergetelheid zal raken.

dwerg 020

Ver voor de mens hem degradeerde tot een lacherig ventje met rode puntmuts, baard en meestal blauw met groen kabouterpak, waren er dwergen die aan de hoven van vorsten een machtige positie bekleedden. Ze wisten zich zo belangrijk te maken dat hun beeltenis in de paleistuin werd geplaatst om de bezoekers te imponeren. In Italiaanse en Salzburgse tuinen zijn ze nog te vinden; de standbeelden van vermaarde hofdwergen die geld en status verwierven door hun handicap te exploiteren.

In 1507 voerde een groep erudiete hovelingen aan het hof van Urbino een reeks interessante gesprekken, die later door Baldassare Castiglioni werden opgeschreven in Il Cortigiano Het Boek van de Hoveling. Ook de humor kwam ter sprake. Een van de aanwezigen zei daarover: 'De oorzaak nu, (..) waaruit het lachwekkende voortkomt, bestaat in een zekere misvormdheid. Want men lacht alleen om dat wat niet naar de regel is en dat verkeerd schijnt.'

Toen Castiglioni's boek in de 16de eeuw furore maakte, waren er aan vrijwel alle Europese hoven dwergen te vinden. Hun grappen kenden een lange traditie, die zeker teruggaat tot de Oudheid. De dwergen deden potsierlijk dansen, maakten dierengeluiden, imiteerden hooggeplaatste personen en hadden het recht om ongestraft alles te zeggen, dat hen voor de mond kwam.

dwerg

Afbeeldingen van dwergen komen we door alle eeuwen heen tegen. Buitelend versierden gebochelde dwergen de marge van een Spaanse bijbel uit de 13de eeuw. Een eeuw later speelden ze een belangrijke rol in de ridderroman Amadis de Gaula'. Nog een eeuw later hadden ze aan het Spaanse hof zo'n hoge status verworven, dat - gemalin van koning - na het overlijden van haar dwergvrouwtje in de kathedraal van Barcelona een bronzen grafmonumentje liet oprichten. Borra's effigie is nauwelijks groter dan een pop en volgens de hofmode gekleed.

Dwergen vormden voor alle hoog geplaatsten een passend geschenk. Bij een vorstelijk huwelijk werden ze vaak meegegeven aan de bruid. Tijdens het bruidsbanket sprong de dwerg, tot verrukking van alle gasten, uit een pastei tevoorschijn om een vers voor te dragen. Ook musiceren behoorde tot zijn bekwaamheden. Om hun lichamelijke gebreken te compenseren, ontwikkelden de mismaakte mannen en vrouwen vaak een creatief talent of een gevaarlijke sluwheid.
In de Nationale Bibliotheek te Madrid wordt een manuscript bewaard van een anoniem dwergvrouwtje, dat poëzie schreef.
Beroemd werd de hofdwerg , die in 1644 door werd geportretteerd. De dwerg droeg de bijnaam El Primo ( De Pen ) en bracht het tot secretaris van koning .

Mordwerg

De hofdwerg van kardinaal Granvelle door Antonis Mor ca. 1550.
( Louvre, Parijs. )

In de 16de eeuw had de Utrechtse hofschilder - internationaal bekend als - in opdracht van een serie hofdwergen en reuzinnen geschilderd. De Spaanse koning was een sober levend, uitermate vroom en gefrustreerd man, die een ziekelijke belangstelling toonde voor menselijke gedrochten. Hij lachte hoogst zelden maar toen de Franse hofdwerg tijdens een banket op tafel sprong en zich temidden van brekend glaswerk, rinkelend bestek en vallende vruchten in het damasten tafelkleed rolde, lachte de koning als een waanzinnige. En dat was ook de bedoeling van zijn gastheer; men meende dat lachen goed is voor de spijsvertering en daarom waren narren en hofdwergen bij elke maaltijd te vinden.
Moro's mooiste dwergportret hangt in het Louvre; het is de ernstige hofdwerg van kardinaal . Om zijn geringe afmetingen te benadrukken, heeft de dwerg naast een grote hond geplaatst, wiens halsband is versierd met de wapens van de kardinaal. De dwerg draagt een puntmutsje en een fluwelen hofkostuum met goudborduursel. Zijn narrestaf hanteert hij met allure, alsof het een generaalsstaf betreft. Het is niet uitgesloten, dat het doek een parodie is op s bekende portret van keizer met hond.
Moro's schilderijen kennen de dwerghofnarren een sinistere waardigheid toe. Hun ogen weerspiegelen de ziel van een gekweld, volwassen mens die gedoemd is met zijn misvormd lichaam de vorsten te vermaken. In de vertrekken van de beide zusters van keizer - en - mochten geen mannen komen, op de lijfarts na. Dat de hofdwergen er vrij in en uit konden gaan bewijst dat men hen niet als volwaardige mensen beschouwde; hun status lag tussen die van een hofnar en een schoothondje in. Ze vormden een curiositeit vergelijkbaar met de hoorn van een eenhoorn, zeldzame mineralen, apen of schelpen.
In het Palazzo Ducale der in Mantua bevinden zich de geheimzinnige dwergenappartementen. De gang, de trap en zelfs de kapel is zo laag dat een volwassen mens er niet rechtop in kan staan. Hertogin moedigde haar dwergpaartjes aan zich hier voort te planten. Maar tot haar teleurstelling brachten de dwergvrouwtjes steeds normaal geproportioneerde kinderen ter wereld.
De koningin van Frankrijk had uit haar Italiaanse geboortestad haar favoriete dwergen meegenomen naar het Franse hof. Ze kwam op het idee twee hofdwergen te verkleden als koningin van Engeland en . Tot vermaak van het hele hof voerde het paartje allerlei obsceniteiten ten tonele. Toen 'The Virgin Queen' in Engeland hiervan hoorde was ze razend. Ze duldde niet dat haar liefde voor dor haar vijanden belachelijk werd gemaakt. kon de aanwezigheid van mismaakte mensen aan haar hof niet verdragen. Het dwergvrouwtje vormde daarop een uitzondering. Ze was altijd aan de zijde van de koningin te vinden en toen stierf was ze ontroostbaar en overleed spoedig daarna.
Aan het Spaanse hof waren stierengevechten pas echt een succes, als de hofdwergen levensgevaarlijke capriolen uithaalden in de arena. En bij openbare executies dreven ze de spot met de veroordeelde en maakten het publiek aan het lachen.

Hoewel de dwergen zich in de loop van de 18e en 19e eeuw geleidelijk van het hof naar de kermis- en circuswereld verplaatsten, bleven ze welkom aan de hoven. Koning en zijn gemalin ontvingen in hun Haagse paleis de Friese dwerg , alias admiraal ( Tom Duim ). Hij was slechts 70 cm lang. Zijn ouders, Pieter en Boukje Hannema, waren volle neef en nicht. Twee van hun dwergdochtertjes overleden jong. Maar Jan, die op 23 april 1839 te Franeker was geboren, werd een vermaard acteur. Met zijn vader reisde hij heel Europa door. Hij had een grote collectie kleertjes waarmee hij zich kon vermommen als admiraal, vissertje, duivel, Madame de Pompadoure, dokter, of Napoleon. Toen hij in Buckingham Palace was voorgesteld aan koningin , schonk zij hem een op zijn maat gefabriceerd ameublementje. Hij liet zich graag op zijn canapeetje fotograferen. De laatste levensjaren leidde een teruggetrokken bestaan in Bergum, waar hij in 1878 op 39-jarige leeftijd overleed.
Dwergen zijn uit het hof - en kermisleven verdwenen. Alleen de stenen tuinkabouters herinneren aan hun rol aan de hoven van weleer.

 

Copyright Thera Coppens

Verschenen in: Achterpagina NRC 9-4-1996

 OmslagSuzanne

OmslagSuzanne      OmslagSophie      omslaghortense      OmslagMarieCornelie

E OmslagSuzanneHistorisch Toerisme Bureau

zilverenkoets2

 Tromplaan 7A 3742 AA Baarn T. 035 5422091 E. This email address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it.

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Save

Go to top